Denken over kennis in de vroegmoderne tijd

03-03-2017

15.45

Aula

Werelden van Vernuft. Denken over Kennis in de Vroegmoderne Tijd

prof.dr.ir. F.J. Dijksterhuis

Faculteit der Geesteswetenschappen

Letteren

Oratie

De kennisgeschiedenis onderzoekt hoe wetenschap en technologie ontwikkelen binnen een brede culturele context. De wortels van onze moderne kennissamenleving liggen in de vroegmoderne tijd. De wetenschappelijke en industriële revoluties, de Verlichting legden de grondslag van de moderne wetenschap en technologie en gaven vorm aan onze opvattingen over kennis. Wanneer je het spoor terug volgt kom je terecht in fascinerende werelden van vernuftige onderzoekers en soms wonderlijke opvattingen. Dit doet Fokko Jan Dijksterhuis is zijn oratie als bijzonder hoogleraar Ideeëngeschiedenis van de vroegmoderne tijd, in het bijzonder de kennisgeschiedenis.

In het Amsterdam van de vroege achttiende eeuw groeide de belangstelling voor de wetenschappen en kunsten onder de burgerij. Er was een markt voor lezingen waarin experimenten werden gedemonstreerd, artikelen over de laatste ontdekkingen, instrumenten om de gesteldheid van lijf en leden, weer en waar te meten. Tegelijkertijd zocht men naar manieren om die kennis te benutten voor nieuwe producten en verbetering van de samenleving.

In deze wereld floreerde een instrumentmaker als Daniël Gabriël Fahrenheit (1686-1736). Hij speelde een sleutelrol in de ontwikkeling van de thermometer; zijn instrumenten waren de nauwkeurigste en betrouwbaarste van de achttiende eeuw. Zo legde hij de grondslag voor de verlichte cultuur van meten. Maar ook ontlokte hij licht aan de barometer, waarmee hij het idee voedde dat licht, warmte en elektriciteit chemische stoffen zijn. “De kennisgeschiedenis probeert te begrijpen hoe uit zo’n mengsel van vreemde en vertrouwde opvattingen onze hedendaagse visie op wetenschap voortgekomen is,” aldus Dijksterhuis.  

De leerstoel is ingesteld door de Dr. C. Louise Thijssen-Schoute Stichting.