In Memoriam Dirk Marie Schenkeveld (6 januari 1934-15 maart 2021)

06-04-2021 | 13:27

210406 Dick Schenkveld TEXTLevensloop
Dick Schenkeveld werd in 1934 in Alkmaar geboren en bezocht daar het Murmellius Gymnasium. Hij studeerde klassieke talen aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en was enkele jaren leraar Latijn en Grieks aan het Eerste Christelijk Lyceum in Haarlem. In 1962 werd hij benoemd tot wetenschappelijk ambtenaar Oudgrieks aan de Vrije Universiteit. In 1964 promoveerde hij op een proefschrift over het geschrift Over stijl, dat is overgeleverd op naam van Demetrius. In 1966 verbleef hij als fellow aan het Center for Hellenic Studies in Washington D.C. In 1971 volgde hij zijn leermeester en promotor Gerrit Jacob de Vries op als gewoon hoogleraar Griekse taal- en letterkunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Deze functie bleef hij vervullen tot zijn emeritaat in 1995.

Naast de gewone hoogleraarstaken van onderwijs en onderzoek heeft Dick op de VU belangrijke bestuurlijke functies vervuld. Van 1972 tot 1976 was hij decaan van de Faculteit der Letteren (tegenwoordig Faculteit Geesteswetenschappen); van 1976 tot 1977 was hij Conrector van de Vrije Universiteit en van 1978 tot 1979 Rector Magnificus.

Ook buiten de universiteit betoonde Dick zich actief. In de gereformeerde kerk van zijn woonplaats Heemstede was hij betrokken bij het jeugdwerk en vervulde hij de functie van ouderling. Hij was voorzitter van het Prins Bernhard Fonds en secretaris van de afdeling geesteswetenschappen van de te Haarlem gevestigde Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen.

In 1992 werd Dick getroffen door nierkanker. Tegen de verwachtingen van de artsen in overleefde hij deze ziekte, maar zijn krachten waren dermate aangetast dat hij zich genoodzaakt zag zijn taak als hoogleraar in 1995 neer te leggen. Hij bleef echter wel actief als onderzoeker en ging door met publiceren. Zijn monografie A rhetorical grammar: C. Iulius Romanus, Introduction to the « Liber de adverbio » as incorporated in Charisius' Ars grammatica II.13 verscheen in 2003 op het moment dat hij getroffen was door een zware hersenbloeding, die hem beroofde van zijn spraakvermogen. Met intensieve hulp en ondersteuning van zijn vrouw wist hij dit grotendeels te herstellen. Zelfs zijn Grieks wist hij weer ten dele terug te veroveren. Het onderzoek heeft hij na zijn hersenbloeding laten rusten. Hij kreeg op het eind van zijn leven toenemende last van doofheid. Toch bleef hij ondanks alle fysieke ongemak opgewekt en vol belangstelling voor de wereld om hem heen. Hij is op 15 maart 2021 overleden.

Onderwijs
Dick gaf graag college op alle niveaus. Studenten herinneren zich hoe hij steevast met een enorme stapel boeken de collegezaal betrad. Hij moedigde zijn studenten – onder wie ook, of liever juist, eerstejaars – aan om zelfstandig mee te denken over wat hij aan de orde stelde en om hun eigen mening naar voren te brengen. Tijdens zijn colleges weidde hij geregeld uit over moderne literatuur, dit in navolging van zijn leermeester Gert de Vries. Als hij zich tijdens een college terloops liet ontvallen: ‘Een werk als Tom Jones van Henry Fielding behoort iedere classicus gelezen te hebben’, snelden zijn studenten naar de bibliotheek om het werk ter hand te nemen.

Bij het begeleiden van promoties gaf Dick zijn promovendi enerzijds voldoende steun, in de vorm van aanmoediging en snel geleverde en relevante kritiek op ingeleverde stukken; anderzijds schreef hij niet precies voor hoe ze hun onderzoek moesten aanpakken, maar gaf hij ze alle ruimte om zelf hun weg te zoeken en te vinden.

Onderzoek
In zijn onderzoek was Dick Schenkeveld voornamelijk actief op het terrein van de antieke theorie over literatuur, retorica en taal. Zijn proefschrift, Studies in Demetrius On Style, behandelt een aantal aspecten van een traktaat over de vraag hoe men de juiste woorden bij de juiste gelegenheid dient te gebruiken. Deze tekst is hem altijd dierbaar gebleven, getuige het feit dat hij er in 2000 een Nederlandse vertaling van publiceerde onder de titel De juiste woorden.

De lijst van Dicks publicaties bevat een hele serie mooie artikelen over antieke literatuuropvattingen. Over de zogenaamde Kritikoi bijvoorbeeld, die vonden dat je literatuur met je oren, op het gehoor moet evalueren. Of over Aristarchus, de grootste filoloog uit de oudheid, en hoe die Homerus interpreteerde. Of over de literaire kritiek van Dionysius van Halicarnassus. Steeds stellen de antieke auteurs zich de vraag: ‘Wat maakt een tekst nu tot een goede tekst? En hoe kun je aantonen of je wel of niet met goede literatuur te maken hebt?’

Was de studie van de antieke literaire theorie al een door vele onderzoekers bevolkt terrein, met zijn studie van de antieke theorieën over taal betoonde Dick zich een pionier. Vermaard is zijn vierluik Studies in the history of ancient linguistics, verschenen in het in Nederland uitgegeven internationale tijdschrift Mnemosyne, waarvan hij ook lange tijd redactielid is geweest. Zijn in 2004 verschenen monografie over de grammaticus Julius Romanus is hierboven al gememoreerd. In het huidige onderzoek naar antieke opvattingen over taal gelden Dicks publicaties nog steeds als baanbrekend en gezaghebbend.

Een genre waaraan niet veel wetenschappers zich tegenwoordig wagen, omdat het veel werk oplevert voor weinig eeuwige roem, is dat van de recensie. Dick heeft er tientallen geschreven, vrijwel steeds voor Mnemosyne. Steeds zijn dat uitstekend geïnformeerde, kritisch-constructief getoonzette stukken, waar je wat aan hebt als lezer.

Dick Schenkeveld heeft op veel terreinen veel betekend voor de Vrije Universiteit. Allen die hem gekend hebben, gedenken hem in genegenheid en dankbaarheid.

Gerard Boter, 22 maart 2021 (met dank aan Ineke Sluiter)