D. (David) Stienaers, MA

Promovendus

Aanwezig: van maandag tot en met donderdag, steeds bereikbaar via e-mail.

Personal page in English

Specialismen

Latijnse Taalkunde met een bijzondere interesse voor tekstlinguïstiek (discourse modes) en verhaaltheorie.

Daarnaast ben ik ook geïnteresseerd in vakdidactiek en wijsgerige pedagogie.

Onderzoek

Ancient War Narrative. A combined discourse-linguistic and narratological approach.
Report in Latin War Narrative
Promotor: prof. dr.C.H.M. Kroon

In narratieve teksten is het vaak niet makkelijk om een duidelijke lijn te trekken tussen het eigenlijke verhaal (narration proper; Narrative mode) en commentaar van de verteller (narratorial comment; Report mode). Zowel in Narrative als Report kan de verteller immers gebeurtenissen uit het verleden introduceren. Het verschil tussen beide modes is echter dat bij Narrative de gebeurtenissen een chronologische sequentie (A→B→C) vormen die als geheel verbonden is met het moment van vertellen, terwijl bij Report elke gebeurtenis afzonderlijk (A / B / C) verbonden is met het moment van spreken, i.e. de base. Op deze problematiek wil het project Report in Latin War Narrative focussen aan de hand van een uitgebreid en gevarieerd tekstcorpus met War Narrative uit voornamelijk de auteurs Caesar, Livius, Lucanus, Sallustius, Tacitus en Vergilius.

In eerste instantie zal ik gaan kijken naar hoe de gebeurtenissen door de verschillende auteurs in de verschillende genres gepresenteerd worden (discourse modes). Gebruikt de verteller voornamelijk Narrative om de verleden gebeurtenissen te presenteren, of toch eerder Report? Daarnaast zal ik ook de spatio-temporele locatie van waaruit een verteller zijn verhaal vertelt (base), bestuderen. Worden de gebeurtenissen meestal verteld vanuit een discourse-now-perspectief of vanuit een story-now-perspectief? Als er verteld wordt vanuit een discourse-now-perspectief, krijgt de lezer dan een neutrale kijk op de gebeurtenissen of wordt de presentatie gekleurd door interferentie van de vertellers eigen mening en visie? Wie focaliseert de gebeurtenissen bij een story-now-perspectief: de verteller of een personage?

Ook zal ik kijken naar de ordening (chronologisch of niet), het tempo (versnelling, vertraging, samenvatting, …) en de frequentie (eenmalig, repetitief of iteratief) van de gebeurtenissen uit het verhaal.

Op basis van bovenvermelde analyses zal ik dan tot slot de verschillende auteurs en teksten uit het corpus met elkaar vergelijken (weergave van verhaalstof, discourse modes, globale tekststructuur, …). Speciale aandacht zal daarbij uitgaan naar genre en ideologie.

Het project Ancient War Narrative.A combined discourse-linguistic and narratological approach, waarbinnen mijn subproject kadert, wil door combinatie van tekstlinguïstiek en narratologie een analysemodel ontwikkelen dat een betere studie en interpretatie van narratieve teksten mogelijk moet maken.

Het uitgangspunt is dat teksten in het algemeen en narratieve teksten in het bijzonder niet monolithisch zijn. Een verteller vertelt zijn verhaalstof immers nooit op één en dezelfde manier. Hij heeft voor zijn verhaal keuze uit enkele manieren van presenteren (discourse modes): Narrative, Report, Registration, Description, Information, Argument, (Indirect) DirectDiscourse.

Een verteller gebruikt de discourse modes tijdens zijn act van vertellen ook niet één en hetzelfde spatio-temporeel perspective (base). Nu eens kan hij vertellen vanuit zijn eigen actuele hic et nunc (discourse now), dan weer kan hij zich verplaatsen naar het volle verloop van het verhaalheden om van daaruit weer te geven wat er aan het gebeuren is in dat verhaalheden (story now). Naast een narratorial point of view is er in een tekst ook altijd focalisatie: er is altijd iemand die de gebeurtenissen waarover verteld wordt, waarneemt of waargenomen heeft.

Tot slot kan een verteller niet alles in een verhaal vertellen. Het is onmogelijk om de hele verhaalwereld (zowel temporeel als spatiaal) in een tekst weer te geven. De tekst zoals wij die lezen, is dan ook altijd het eindresultaat van een grondig denk- en selectieproces van de verteller. Voor de interpretatie van teksten kan het dan ook interessant zijn om te kijken hoe de tekst temporeel en spatiaal in elkaar zit en hoe de verteller temporeel en spatiaal in zijn tekst vooruitgaat.

Overige activiteiten

  • Co-auteur Vlaamse handboekenreeks Ars Legendi.
  • Extern universitair expert voor leerplancommissie Latijn & Grieks van het Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs (VVKSO).

 

Links

Informatie opleiding GLTC Vrije Universiteit Amsterdam
Informatie onderzoeksmaster Oudheidstudies Vrije Universiteit Amsterdam
Afdeling Oudheid Vrije Universiteit Amsterdam